En wat een Critical Mass!

Wat een opkomst, wat een succes! Zo’n Critical Mass, het is een ervaring!

Meer dan duizend fietsers, verzameld onder Waterloo Bridge. Iedereen babbelt wat, drinkt iets, en af en toe een fietsbellenconcert. En dan, ineens, heeft iedereen er genoeg van, wordt er gejuicht, gebeld, en… vertrokken! De hele bende, traag op gang. Op de brug, en dan, als klassieker, het rond punt aan Waterloo Bridge, rond het Imax theater. Waar er daarna wordt heen gegaan, ligt nooit op voorhand vast. Maar eigenlijk was de route deze keer geen verrassing, en de opkomst ook niet.

Normaal gezien is de Critical Mass (elke laatste vrijdag van de maand hier in Londen) na de zomer over z’n hoogtepunt heen, maar twee belangrijke factoren hebben voor het succes van vandaag gezorgd. Ten eerste —uiteraard— het goede weer, maar ten tweede de waarschuwing van de politie vorige maand en het artikel “Critical crackdown” in The Guardian van woensdag.

De route was geen verrassing; deze keer zouden alle klassiekers worden aangedaan. Met zoveel volk, daarmee geraak je overal! We fietsten en belden —neem uw kaart erbij— noordwaart over Waterloo bridge, dan linksaf op de Strand, over The Mall door Saint James Park tot de eerste ‘halte’: Buckingham Palace. Daar een twintigtal minuten rondgefietst, gebeld, gezongen, en dan terug op weg naar meer van dat. Als ik me niet vergis namen we de Birdcage Walk tot aan Parliament Square, Westminster, met Big Ben die ons toekijkt. Ook daar een paar toertjes op het rond punt, en ook daar dat het verkeer goed vast zat. He. Dan via Whitehall noordwaarts, langs Piccadilly Circus, tot aan Tottenham Court Road, op New Oxford Street. Daar begon de sliert wat te desintegreren, en namen sommige anarchistische elementen de boel wat over. Dat was het signaal voor velen om een mooi einde te maken aan de avond — en met z’n vieren fietsten we gemoedelijk terug naar huis.

Wetenschappers en waarzeggers

Waarom zal iets in de toekomst nog hetzelfde zijn als in het verleden? Zullen metalen ook morgen nog elektriciteit geleiden? Omdat het altijd al zo geweest is? Of om het met een klassieker te zeggen: zijn alle raven zwart? Is dat zo? En waarom dan wel? Waarop baseren we onze voorspellingen? Op eerdere ervaringen? Is dat wel gerechtvaardigd?

Nee, zegt Hume. Hij heeft een duidelijk ‘probleem met inductie’. Niets garandeert ons dat iets dat vandaag geldt, morgen ook nog geldt. Zelfs het ‘succes van de wetenschap’ biedt hier (althans filosofisch) geen antwoord op:

Veronderstel dat een wetenschapper wordt uitgedaagd door een waarzegger. De wetenschapper weerlegt het kijken in een kristallen bol als een goede manier om de toekomst te voorspellen, omdat het in het verleden niet echt betrouwbaar was. De wetenschappelijke methode echter heeft in het algemeen altijd goed gewerkt.

De waarzegger kan de wetenschapper er echter terecht van beschuldigen om de wetenschappelijke methode te gebruiken om de wetenschappelijke methode te rechtvaardigen. Die methode is er namelijk op gebaseerd om regelmatigheden uit het verleden te projecteren op de toekomst. Dus als je wil zeggen dat de wetenschappelijke methode ook in de toekomst succesvol zal zijn omdat die in het verleden hoogst succesvol was, dan maak je een gigantische cirkelredenering.

“Als je jouw methode gaat gebruiken om jouw methode te beoordelen,” merkt de waarzegger op, “dan heb ik alle recht om mijn methode te gebruiken om de mijne te beoordelen.” Hij kijkt even in z’n kristallen bal en kondigt dan aan dat het waarzeggen (hoewel niet echt succesvol in het verleden) binnenkort een heel betrouwbare manier van voorspellen wordt. “Daarenboven,” voegt de waarzegger toe, “aangezien je jouw methode hebt gebruikt om de mijne af te kraken, zal ik nu hetzelfde doen: ik zie in mijn kristallen bol dat de wetenschappelijke methode slechte tijden tegemoet gaat als betrouwbare methode van voorspellingen.”

—Uit Salmon et al., ”Introduction to the Philosophy of Science”, Hacket Publishing Company, 1992, sec. 2.6.

Maar kom, we zijn nog maar net voorbij week vier van het academiejaar. Er zijn nog zestien lesweken te gaan om de wetenschappelijke methode te redden — alle hens aan dek.

Critical Mass

Morgenavond rond zes uur zal ik met een hoop fietsende medestudenten deelnemen aan de Critical Mass hier in Londen:

Critical Mass is often described as an ‘unorganised coincidence’. It happens when a lot of cyclists happen to be in the same place at the same time and decide to cycle the same way together for a while.

Prachtig.

Very often, those taking part enjoy it so much that they decide to get together at the same place and time the next month and the month after and so on, and to get other cyclists to join as well. The first London Critical Mass happened on the last Friday of April 1994, with a group of around 50 riders. Summer masses in London have attracted well over a thousand cyclists in the past.

Schitterend.

Imagine a large group of cyclists, riding along a city street – but not in the gutter in single file – instead think of the whole road filled with cyclists – pedalling, chatting and enjoying the space they have created for safe, fun cycling. If you can imagine this, you can imagine what it is like taking part in a Critical Mass of cyclists.

Ik kan het mij al helemaal inbeelden. Het is blijkbaar zelfs een wereldwijd fenomeen.

De suggestie kwam van Piero, een Italiaan in mijn klas, die gisteren in het seminarie Philosophy and Public Policy een presentatie gaf over de rechtvaardiging van burgerlijke ongehoorzaamheid. Je moest niet veel moeite doen om je deze jongeman in te beelden terwijl hij met duizenden anderen door Romeinse straten wandelt om de huidige regering daar te laten zien wat hij van haar denkt. Bon. Tot slot, voor de bezorgde lezers van Ivoren Toren:

Most of all, the rides are peaceful, safe and fun for everyone!

Ik ben er dan ook uitermate klaar voor.

Update: wat een ervaring!

Boring

Vandaag voor ‘t eerst een verbeterd essay teruggekregen — eentje van wetenschapsfilosofie. Ik was er zelf niet zo content van omdat ik enkele uren voor de deadline plots besefte dat ik, stiekem via een omweg, een gegeven gebruikte dat ik expliciet niet wou gebruiken. Zoiets. In die laatste momenten heb ik dat nog wat kunnen kaderen, maar onvoldoende. Dat kader nam echter wat teveel plaats in ten opzichte van het centrale agrument.

Hoewel de prof het schrijfsel toch “one of the best written” vond, had hij een ietwat andere, onverwachte kritiek. In z’n Duits-Engels wist ie te verkondigen: “Your essays should be… how shall I say this… Yes, the language used in your essays may be a bit more boring.” Alstublieft. (Voor de rest is ‘t nen toffen tiep hoor.)

Het volgende essay moet nu vrijdag binnen, en het daaropvolgende maandag — kent er iemand nog een goeie kwinkslag om mee te beginnen of af te sluiten?

Eten en drinken

Een mens leeft niet van kennis alleen, een beetje eten en drinken doen wonderen! Op school is er de Brunch Bowl die uiterst aangename openingsuren heeft: van ‘s ochtends negen uur tot ‘s avonds half acht. Koud, warm, lauw, traditioneel en exotisch eten voor een redelijke prijs — iets waar ge bij ons vier euro voor betaalt, maakt u hier vier pond armer.

‘s Avonds (lees: ‘s nachts) en in de weekeindes loop ik niet op ‘t school rond, en moeten er dus andere bronnen worden opgezocht. De supermarkten, een avontuur. De grootste en goedkoopste supermarkt in de buurt is Tesco aan Surrey Quays. Dat is zo’n drie kilometer en half fietsen over een grote baan in een richting waar ik anders nooit heen moet. Enkel bij grote of dringende aankopen. Gigantisch voordeel: in de week zijn ze 24/24 open!

Maar bon, de luiheid heerst hier, of toch een beetje. En dan komt het tweede alternatief naar voren, de ietwat kleinere Safeway Compact aan de overkant van Tower Bridge aan St. Katherine’s Docks. Duurder, kleiner, maar dichterbij en in een veel gezelliger buurt.

En ja, het gemak. De gemakzucht. Spreek me er niet van. Nog duurder, nog kleiner, maar vlakbij, heel gezellig en op de weg van school naar huis. Marks & Spencer Simply Food. Vooral hun liters Florida Squeezed Orange Juice With Juicy Bits is de moeite (“4 for the price of 3”, maar wat die prijs dan is, verzwijg ik beter).

Zo ziet ge, het winkelen rond Butler’s Wharf is een afwegen van afstand, grootte, gezelligheid en prijs. Maar omkomen van de honger, dat doe ik hier alsnog niet — want niets is zo belangrijk als de mama geruststellen.

Mensenrechten als een ‘constitutie’ van de mensheid

In de lessen en seminaries van beleidsfilosofie hebben we ons de laatste tijd veel bezig gehouden met mensenrechten. Hoe universeel zijn die? Kunnen of moeten er lokale verschillen mogelijk zijn? Is het beter te gaan voor een minimale basis die overal afdwingbaar moet zijn? Of is het beter voorstander te zijn van een breder pakket mensenrechten die misschien niet realistisch in elk land kunnen gewaarborgd worden, maar die voor hen als leidraad kunnen dienen? Zijn dat dan nog mensenrechten?

Wat bedoelen we trouwens met mensenrechten? Tientallen definities en visies zijn de laatste weken de revue gepasseerd. En dan is er nog het grote verschil van wat we theoretisch/filosofisch onder mensenrechten verstaan en hoe deze in de praktijk/wetteksten werden en worden uitgewerkt — bijvoorbeeld in de revolutionaire en gedurfde ‘Universele Verklaring van de Rechten van de Mens’ uit 1948 of in het ‘Europees Verdrag ter bescherming van de Rechten van de Mens’ uit 1950.

Hoewel dat niet in mijn pakket zit, ga ik nog steeds wekelijks naar de seminaries over ‘Grondwettelijke theorie’, oftewel ‘Constitutional theory’ in het departement rechten. Daar houden we ons momenteel bezig met de vraag wat een grondwet is, en waarvoor ze moet en kan dienen. Het Engelse of Franse constitution beschrijft eigenlijk beter wat er aan de hand is: een constitutie geeft een soort beschrijving van de samenstelling van de staat. Wat zijn de belangrijkste instituten, hoe werken die, wat zijn de voornaamste rechten van de inwoners van die staat? Ook hier zijn er vele verschillende visies en manieren om de zaken aan te pakken. Beschouw bijvoorbeeld de Verenigde Staten waar de Constitution een enorme invloed heeft op hoe de politiek bedreven wordt, of het Verenigd Koninkrijk dat geen geschreven Constitution heeft.

In beide lessen, Grondwettelijke theorie en beleidsfilosofie over mensenrechten, komen dezelfde vragen naar voor, dezelfde problemen, dezelfde ideeën en concepten. Dus wat gaat den deze doen? Hij gaat op zoek naar de parallelen. Kunnen we mensenrechten als een soort van wereldwijde constitutie zien? Of kunnen we die in zo’n kader inpassen? Is dat wenselijk? Niet dat we dat ‘constitutie’ moeten noemen. Nu op zoek naar mensen die zich hier al eerder mee bezig hebben gehouden, want ik zal wel niet de eerste zijn die hieraan denkt, maar de denkoefening lijkt boeiend — en uw commentaar ook, uiteraard.

Wat is er mis met marteling?

Morgen geven Pete, Carl en ik een six-minute presentation over een zelfgekozen paper dat te maken heeft met filosofie van beleid. We zullen het hebben over What’s Wrong with Torture? van David Sussman in Philosophy & Public Affairs. De kans is klein dat u erbij zal zijn, maar hier toch al een sneak preview:

Intuïtie en context

Een definitie van marteling:

  • is moeilijk om te geven;
  • lijkt niet gemakkelijk om het eens over te worden (ieder heeft z’n eigen mening, als je er al één kan vormen — zie eerste punt);
  • is raar om te willen achterhalen (wat kan er later mee gedaan worden?).

Bezwaren vanuit filosofische hoek:

Utilitaristische bezwaren

  • Voor de naïve utilitarist is marteling over het algemeen inefficiënt (de schade staat niet in verhouding tot de eventuele resultaten van de marteling);
  • Voor de genuanceerde utilitarist is marteling niet alleen inefficiënt, maar hij/zij wijst ook op de contraproductieve psychologische en politieke schade aan personen, instituten en de gehele maatschappij;
  • Maar! Met deze focus op de mogelijke schadelijke effecten van marteling, is er moeilijk een onderscheid te maken met dezelfde schade die wordt aangericht in een oorlogssituatie (bijvoorbeeld voortdurende bombardementen om het moreel van de vijand naar beneden te halen) — maar dat beschouwen we in het algemeen niet als marteling.

Kantiaanse bezwaren

  • Marteling is volslagen respectloos voor de autonomie en het rationeel zelfbewustzijn van een persoon.
  • Maar! Wat is in dit geval het onderscheid met doorgedreven chantage — zodat ik alles zou doen wat er gevraagd wordt? Ook dit beschouwen we niet als marteling.

Toch voelen we aan dat de utilitarist en de kantiaan sámen wel een eind verder geraken.

Wat is marteling?

  • Marteling veroorzaakt gewoonlijk enorme pijnen;
  • Marteling gebeurt nooit toevallig;
  • Marteling vereist een bijzondere relatie tussen de martelaar en het slachtoffer: het slachtoffer is er zich bewust van dat hij volledig is overgeleverd aan zijn martelaar;
  • Marteling ligt ergens tussen dwang (waarbij je nog rationeel kan nadenken) en brainwashen (waarbij de pijn te groot is om nog te kunnen redeneren).

Wat is er mis met marteling?

  • Je eigen wil wordt tegen jezelf en je eigen belangen gekeerd;
  • “Pijn is de stem van je lichaam,” en bij marteling wordt ondraaglijke pijn de stem van je martelaar. Je lichaam wordt je eigen vijand;
  • It hurts.

Maar in het paper van Sussman krijgen we geen antwoord op:

  • Zijn lijfstraffen ook marteling? (Bijvoorbeeld een voorafbepaalde straf van exact tien zweepslagen — doorbijten en je bent er vanaf.)
  • Wanneer kan marteling gerechtvaardigd zijn? (Terroristische dreiging?)
  • Is pijn een noodzakelijke component van marteling? (Fysiek, mentaal,…)

Ok, dat is een korte samenvatting van een paper van 33 pagina’s lang. Op elk van deze punten wordt minstens twee vellen lang ingegaan, met voorbeelden en motivatie. We zijn het zeker niet met alles eens, en dat zullen we morgen ook vertellen.

Was dit tekstje voor u een marteling? Of heeft u er extreem van genoten? (De auteur heeft het uitgebreid over vergelijkingen zoals: “Torture thus turns out to be something like sexual seduction, accomplished through fear and pain rather than through erotic desire.”)

U kan hieronder úw mening kwijt.

Update: de presentaties van de andere studenten zijn uitgelopen. Onze presentatie is dus een week verschoven. Uw aanvullingen zijn dus welkom en zelfs bruikbaar tot 24 oktober!

Cumberland Lodge

The Cumberland Lodge

Op 18, 19 en 20 november 2005 trekt ons departement filosofie (proffen en studenten) naar de Cumberland Lodge voor het jaarlijkse weekeinde. Cumberland Lodge is een voormalige koninklijke residentie in Windsor Park, blijkbaar prachtig gelegen in een wonderlijke omgeving met sprookjesachtige kamers. Uiteraard worden daar niet enkel lezingen voorzien, maar ook eten, drinken, ontspanning en gezelligheid.

People come to Cumberland Lodge to talk. Their conversations lead, we hope, to action.

Ik zal erbij zijn.

Hand of vinger

Gisteren naar een filosofie-seminarie geweest. Spreker van dienst was John Tasioulas uit Oxford, die het had over “Berouw en straf”. Moet het tonen/hebben van berouw bij een misdrijf enige invloed hebben op de strafmaat? Is berouw het doel van een straf, of is het een eventuele positieve bijkomstigheid?

Na de presentatie van z’n paper was het aan het publiek (op mij na allemaal doctoraatsstudenten en soortgenoten, denk ik) om vragen te stellen. De beste vraag vond ik die van een vrij jonge kerel die opmerkte dat als iemand onmiddellijk na een misdrijf berouw toont (iets wat Tasioulas positief vond), dat die persoon dan eigenlijk intellectueel best in staat was om ook al op voorhand in te zien dat hij een misdrijf zou plegen. Een persoon die pas later berouw toont/heeft, zag dit op het moment van z’n misdrijf misschien niet in — en is dus mettertijd misschien echt wel een beter mens geworden.

Nieuw was voor mij trouwens de vorm van het seminarie, dat de methode van de “hand of vinger” gebruikt. Als je een vraag hebt die nog niet gesteld is of die niets te maken heeft met een vorige vraag, dan steek je een hand op. Is je vraag een vervolg op een vorige vraag, of gaat ze dieper in op iets wat eerder gezegd is, dan steek je je vinger in de lucht. De moderator, die naast de spreker zit, houdt een lijstje bij van de namen (ze kende iedereen in de zaal die een vraag stelde) van de mensen die hun hand of vinger in de lucht hebben gestoken. Die komen dan allemaal in volgorde aan beurt — vingers eerst, zodat er toch dieper op een onderwerp kan worden ingegaan — zonder teveel af te wijken.

Bristol

Net terug van een weekeinde in Bristol. De bus doet er wel een tijdje over (vertragingen al dan niet inbegrepen), maar ik heb wel wat teksten te verzetten (Aristoteles, Hume, Popper, en recentere denkers).

Hoe is het leven daar? Maartje brengt sinds kort fotografisch verslag uit van haar leven in de stad en haar belevenissen op het Centre for Deaf Studies van Bristol University. Allen daarheen — al dan niet virtueel.

Update: Naast de foto’s, nu ook de woorden! Niet is onmogelijk, en u kan vanaf heden mee ontdekken hoe we tot een betere wereld kunnen komen. Doof in Bristol: Pigs can fly.

Volgende pagina »